Zelfstandige in bijberoep: de kosten en wat je overhoudt
Wat zijn de kosten van een zelfstandige in bijberoep? Eenmalig 111,50 euro voor de inschrijving in de KBO, daarna sociale bijdragen – volgens het RSVZ niets onder 1.922,16 euro netto beroepsinkomen, vanaf dat bedrag 20,50% – en personenbelasting op je winst. Hieronder staan alle bedragen van 2026, met een rekenvoorbeeld.
Wie is zelfstandige in bijberoep, en wanneer heb je dat statuut nodig?
Je kunt zelfstandige in bijberoep worden als je naast je zelfstandige activiteit een hoofdactiviteit hebt die aan de voorwaarden van het RSVZ voldoet: een job van minstens halftijds als werknemer, een opdracht als leerkracht of ambtenaar, of een vervangingsinkomen van minstens het minimumpensioen. De voorwaarden per hoofdactiviteit, volgens het RSVZ:
- Werknemer: je werkt minstens halftijds, gemeten aan de uren van een voltijdse werknemer in dezelfde onderneming of sector.
- Leerkracht: vastbenoemd met een opdracht van minstens 6/10 van een volledig lesrooster, of contractueel met minstens een half uurrooster.
- Ambtenaar die pensioen opbouwt in een ander stelsel: minstens 8 maanden of 200 dagen per jaar, en minstens halftijds.
- Vervangingsinkomen (werkloosheid, arbeidsongeschiktheid, vervroegd pensioen van een ambtenaar): minstens het minimumpensioen van een alleenstaande zelfstandige.
Voldoe je daar niet aan, dan ben je zelfstandige in hoofdberoep. Een vastbenoemde leerkracht met een opdracht van minstens 50% tot 60% kan wel op aanvraag de bijdrageregeling van het bijberoep krijgen, als het netto belastbaar jaarinkomen als zelfstandige onder 9.101,26 euro blijft, volgens de regel over gelijkstelling met bijberoep, artikel 37. In bijberoep heb je dezelfde wettelijke verplichtingen als een zelfstandige in hoofdberoep.
Dit artikel hoort bij de eerste stappen als zelfstandige: alle artikels daarover staan onder Aan de slag.
Niet elke bijverdienste vraagt een statuut. Diensten via een erkend platform van de deeleconomie en verenigingswerk hebben hun eigen regels, uitgelegd in het artikel over bijverdienen zonder statuut. Ben je werkzoekend, dan kun je onder voorwaarden in bijberoep starten en je werkloosheidsuitkering een tijd behouden, met de Springplank naar zelfstandige van de RVA. Twijfel je of je wel echt zelfstandig werkt (schijnzelfstandigheid), dan telt niet hoeveel klanten je hebt, maar of er een gezagsverhouding is. De Commissie Arbeidsrelaties beoordeelt je arbeidsrelatie op je vraag, aan de hand van vier algemene criteria.
Wat kost het om te starten in bijberoep?
In 2026 kost de inschrijving in de KBO via een ondernemingsloket 111,50 euro. Je btw-nummer activeer je zelf in MyMinfin, of het loket doet het voor je tegen zijn eigen prijs. En vóór je start, sluit je aan bij een sociaal verzekeringsfonds en tegelijk bij een ziekenfonds. De kosten vallen in deze volgorde:
- Inschrijving in de KBO. Een erkend ondernemingsloket schrijft je onderneming in en je krijgt een ondernemingsnummer. Dat kost 111,50 euro, zonder btw. Het tarief wordt bepaald door de FOD Economie en jaarlijks geïndexeerd, zoals de loketten het vermelden in de tarieven van Xerius, Partena en Securex.
- Activering van je btw-nummer met formulier 604A. Je dient het in nadat je je ondernemingsnummer hebt, en vóór je activiteit begint, volgens de verklarende nota bij formulier 604A. Dat geldt ook als je de vrijstellingsregeling kleine ondernemingen kiest. Je mag het formulier zelf indienen in MyMinfin, of een gevolmachtigde zoals je boekhouder of een erkend ondernemingsloket laten doen. Een loket rekent daarvoor zijn eigen prijs: Xerius vraagt 65 euro excl. btw, Partena 64,05 euro excl. btw of 77,50 euro incl. btw. Oefen je uitsluitend een beroep uit dat vrijgesteld is door artikel 44, zoals medische zorg, dan heb je geen btw-nummer nodig (zie verder).
- Aansluiting bij een sociaal verzekeringsfonds, vóór je start, bij een fonds naar keuze, volgens het RSVZ. Op hetzelfde moment sluit je aan bij een ziekenfonds, volgens de wettelijke verplichtingen van zelfstandigen. Wat het fonds je kost, zijn de sociale bijdragen en de beheerskosten in het volgende deel.
Sluit je aan bij een sociaal verzekeringsfonds vóór je start, dus vóór je eerste factuur. Doe je dat niet, dan riskeer je een administratieve boete van 500 tot 2.000 euro, en na 30 dagen word je aangesloten bij de Nationale Hulpkas.
Op andere sites lees je 60, 70 of 78,65 euro voor de activering van het btw-nummer. Dat is geen wettelijk tarief maar de eigen prijs van elk loket, en die verschilt per loket.
Daarnaast kan je gemeente een belasting op bedrijven heffen, ook op een bijberoep. Diksmuide, bijvoorbeeld, belast volgens het belastingreglement 2026–2031 iedereen met een ondernemingsnummer die er op 1 januari in hoofd- of bijberoep actief is, met een forfait van 145,57 euro. Vraag bij je eigen gemeente na of zo’n belasting bestaat.
Hoeveel sociale bijdragen betaal je in bijberoep?
In 2026 betaal je volgens het RSVZ niets op een netto beroepsinkomen onder 1.922,16 euro. Vanaf 1.922,16 euro betaal je 20,50% van het hele inkomen, minstens 98,51 euro per kwartaal. Vanaf 17.374,08 euro betaal je wat een zelfstandige in hoofdberoep betaalt, minstens 890,42 euro per kwartaal, zegt de bijdragenbrochure 2026 van het RSVZ. Volgens de RSVZ-pagina over de bijdragen komen de beheerskosten van je fonds daar bovenop.
| Netto beroepsinkomen in 2026 | Wat je betaalt | Minimum per kwartaal |
|---|---|---|
| minder dan € 1.922,16 | geen sociale bijdragen | € 0 |
| van € 1.922,16 tot € 17.374,08 | 20,50% van het hele inkomen | € 98,51 |
| vanaf € 17.374,08 | dezelfde bijdragen als in hoofdberoep | € 890,42 |
Je netto beroepsinkomen is je bruto beroepsinkomen min je beroepskosten en beroepsverliezen, zoals de belastingadministratie het vaststelt. Er is geen vrijgestelde eerste schijf: zodra je 1.922,16 euro haalt, telt het hele inkomen. De bijdrage is 20,50% tot 75.024,54 euro en 14,16% op het deel tussen 75.024,54 en 110.562,42 euro, met een maximum van 5.103,05 euro per kwartaal, volgens de bijdragenbrochure 2026 van het RSVZ.
Voorlopig en definitief. De bijdragen van een jaar kennen pas hun definitieve bedrag als de fiscus je inkomen van dat jaar aan je fonds meldt. Daarom betaal je volgens het RSVZ eerst voorlopige bijdragen op basis van je inkomen van drie jaar voordien. Was je toen nog geen zelfstandige, dan betaal je een voorlopige bijdrage die de wet vastlegt: 98,51 euro per kwartaal, tot het einde van het derde volledige kalenderjaar. Verwacht je minder dan 1.922,16 euro te verdienen, dan kun je die voorlopige bijdrage op aanvraag en met objectieve elementen tot 0 laten verlagen. Zodra je inkomen bekend is, worden de voorlopige bijdragen geregulariseerd: je betaalt bij of je krijgt geld terug.
Liet je je voorlopige bijdrage verlagen en blijkt je werkelijke inkomen hoger, dan rekent de eindafrekening niet alleen het supplement aan, maar ook verhogingen.
Je betaalt per kwartaal: de bijdrage moet uiterlijk op de laatste dag van het kwartaal op de rekening van je fonds staan. Volgens het RSVZ komt op het onbetaalde deel elk kwartaal een verhoging van 3%, en op 1 januari van het volgende jaar eenmalig nog eens 7%.
Bovenop de bijdragen rekent je fonds beheerskosten aan om zijn uitgaven te dekken. Die verschillen per fonds: bij Partena zijn ze volgens het barema 2026 4,20% van de verschuldigde bijdragen. Daarom tonen sommige pagina’s hogere bedragen dan de 98,51 en 890,42 euro hierboven: volgens de FOD Sociale Zekerheid bevatten die bedragen de beheerskosten van een fonds, de wettelijke bedragen niet.
Ben je met pensioen en werk je als zelfstandige, dan geldt een eigen regeling. In 2026 betaal je volgens het RSVZ geen sociale bijdragen op een inkomen onder 3.844,32 euro, en vanaf 3.844,32 euro een verminderde bijdrage van 14,7%, in plaats van de 20,50% van een zelfstandige in hoofdberoep.
De drempels en bedragen in dit deel zijn die van 2026 en veranderen op 1 januari 2027. Ook de regels voor het bijberoep zelf kunnen veranderen. Vraag de bedragen elk jaar in januari na bij je fonds.
Hoeveel personenbelasting betaal je, en wanneer?
Je winst uit je bijberoep wordt deel van je belastbaar inkomen, samen met je loon, en wordt belast in de personenbelasting op één progressieve schaal van 25% tot 50%. Je bijverdienste valt dus in je hoogste schijf. Vanaf inkomstenjaar 2026 krijg je als zelfstandige geen belastingvermeerdering meer als je geen voorafbetalingen doet, maar een voorafbetaling levert nog altijd een bonificatie op.
Volgens de belastingtarieven van de FOD Financiën wordt je belastbaar inkomen opgedeeld in schijven, en elke schijf heeft haar eigen tarief:
| Tarief | Belastbaar inkomen, inkomstenjaar 2026 (aanslagjaar 2027) |
|---|---|
| 25% | € 0 tot € 16.720 |
| 40% | € 16.720 tot € 29.510 |
| 45% | € 29.510 tot € 51.070 |
| 50% | boven € 51.070 |
Het basisbedrag van de belastingvrije som is 11.180 euro voor inkomstenjaar 2026. De schijven worden geïndexeerd, dus kijk ze in januari 2027 opnieuw na.
Het tarief dat je bijverdienste betaalt, is dat van de schijf waarin je totale belastbaar inkomen eindigt. Gaat je winst over de grens van een schijf, dan wordt ze deels aan het ene en deels aan het volgende tarief belast. De aanvullende gemeentebelasting zit niet in deze tarieven.
Volgens VLAIO ben je vanaf inkomstenjaar 2026 als zelfstandige niet meer verplicht om voorafbetalingen te doen, en riskeer je geen belastingvermeerdering meer. Wie toch vooraf betaalt, krijgt een bonificatie. De voorafbetalingen hebben vaste vervaldagen in het jaar, en voor winst en baten komt er een extra periode bij: van 21 december tot 20 februari van het volgende jaar. Zo staat het in DOC 56 1243/009 over de hervorming van de personenbelasting, die de Kamer op 9 juli 2026 ongewijzigd aannam in plenaire vergadering, zoals DOC 56 1243/011 vermeldt.
Vanaf inkomstenjaar 2027 komt er een ondernemersaftrek: 10% van je winst of baten, met een maximum van 311 euro. Voor inkomstenjaar 2026 geldt die aftrek nog niet.
Je winst geef je elk jaar aan in je aangifte personenbelasting, in MyMinfin (Tax-on-web). Volgens de pagina Indieningstermijnen aangiften van de FOD Financiën is de deadline voor de online aangifte in 2026, aanslagjaar 2026, 19 juli 2026; met specifieke inkomsten is het 31 oktober 2026, ook online. Als starter vraag je volgens VLAIO deel 2 van de aangifte aan, ook wanneer je geen inkomsten of zelfs een verlies had uit je zelfstandige activiteit.
Welke beroepskosten mag je aftrekken?
Je trekt ofwel een forfait af, ofwel je werkelijke beroepskosten, en je sociale bijdragen trek je in beide gevallen af. Kies je voor je werkelijke kosten, dan verlaagt elke echte beroepskost die je kunt bewijzen je netto beroepsinkomen, en dat is de basis van zowel je personenbelasting als je sociale bijdragen. Bewaar dus elke factuur en elk kasticket, zeven jaar lang.
Je hebt de keuze tussen forfaitaire beroepskosten en je werkelijke kosten. Vermeld je in je aangifte geen kosten, dan krijg je volgens de FOD Financiën automatisch het forfait. Het forfait hangt af van je soort inkomen. Voor inkomsten 2025, de aangifte van 2026, was het volgens de toelichting bij deel 2:
- Winst (handel, ambacht): 30%, met een maximum van 5.930 euro.
- Baten (vrije beroepen): 28,7% op de eerste 7.540 euro, 10% van 7.540 tot 14.970 euro, 5% van 14.970 tot 24.920 euro en 3% daarboven, met een maximum van 5.210 euro.
Je sociale bijdragen trek je daarnaast af als een kost apart, of je nu het forfait of je werkelijke kosten neemt. Aanvullende premies voor het ziekenfonds en een hospitalisatieverzekering tellen niet mee als sociale bijdragen, en ook niet als beroepskost.
Kies je je werkelijke kosten, dan trek je ook kosten af voor een pc, je telefoon en internet die je voor je beroep gebruikt. Je moet dan wel bewijzen dat die kosten echt met je beroepswerkzaamheid te maken hebben.
De bewijsstukken bewaar je: volgens efactuur.belgium.be moet je alle facturen en kopieën van facturen zeven jaar bijhouden, te rekenen vanaf 1 januari van het jaar na hun datum.
In BravoLisa, met de formule Free, wordt een gefotografeerd kasticket of een doorgestuurde factuur een geregistreerde aankoop. De betalingen op je rekeninguittreksel komen binnen zodra je het uittreksel oplaadt. Zo staat elke kost op één plek.
Wat hou je over? Alle kosten op een rij en een rekenvoorbeeld
Van 5.000 euro netto beroepsinkomen in 2026 hou je naar schatting 3.000 of 2.750 euro over, naargelang je hoogste tarief 40% of 45% is. Die 5.000 euro is je netto beroepsinkomen zoals de belastingadministratie het vaststelt, na aftrek van je beroepskosten en je sociale bijdragen. Je betaalt daarop 1.025 euro sociale bijdragen (20,50%). De beheerskosten van je fonds komen daar bovenop: 43,05 euro aan het tarief van Partena, 4,20%. De personenbelasting op de 5.000 euro is, aan je hoogste tarief, naar schatting 2.000 euro aan 40% of 2.250 euro aan 45%.
Eerst alle kosten samen:
| Kost | Wanneer | Bedrag in 2026 | Wie legt het vast |
|---|---|---|---|
| Inschrijving in de KBO via een loket | eenmalig | € 111,50 | FOD Economie, jaarlijks geïndexeerd |
| Activering btw-nummer (604A) | eenmalig | zelf in MyMinfin, of de prijs van het loket (Xerius: € 65 excl. btw) | het loket |
| Sociale bijdragen | per kwartaal | € 0 onder € 1.922,16; daarboven 20,50%, minstens € 98,51 | de wet, geïnd door het fonds |
| Beheerskosten van het fonds | per kwartaal | een % van de bijdragen (Partena: 4,20%) | het fonds |
| Gemeentelijke belasting op bedrijven | jaarlijks | verschilt per gemeente (Diksmuide: € 145,57) | de gemeente |
| Personenbelasting | jaarlijks | 25% tot 50% op je belastbaar inkomen | de wet, geïnd door de FOD Financiën |
| Stopzetting in de KBO | eenmalig | € 111,50, plus de prijs van het loket voor de stopzetting van je btw-nummer | FOD Economie; het loket |
De voorbeelden hieronder zijn rekenwerk van BravoLisa op de tarieven van 2026 van het RSVZ en de FOD Financiën. De inkomens zijn verzonnen; de berekening staat er telkens bij.
Voorbeeld A: 5.000 euro netto beroepsinkomen
- Sociale bijdragen: 5.000 × 20,50% = 1.025,00 euro per jaar, of 256,25 euro per kwartaal. Dat ligt boven het minimum van 98,51 euro.
- Beheerskosten bij Partena: 1.025,00 × 4,20% = 43,05 euro, die je bovenop je bijdragen aan je fonds betaalt.
- Belastbaar: de 5.000 euro is je beroepsinkomen na aftrek van je sociale bijdragen, dus de personenbelasting komt op de 5.000 euro.
- Personenbelasting, een schatting aan je hoogste tarief, zonder de aanvullende gemeentebelasting en in de veronderstelling dat de 5.000 euro binnen je schijf blijft:
- ligt je belastbaar inkomen al tussen 16.720 en 29.510 euro, dan is dat 5.000 × 40% = 2.000,00 euro, en hou je van de 5.000 euro 5.000 − 2.000,00 = 3.000,00 euro over;
- ligt het al boven 29.510 euro, dan is dat 5.000 × 45% = 2.250,00 euro, en hou je van de 5.000 euro 5.000 − 2.250,00 = 2.750,00 euro over.
Ben je starter, dan betaal je de eerste jaren eerst de voorlopige bijdrage: 4 × 98,51 = 394,04 euro per jaar. Bij de regularisatie vraagt je fonds later 1.025,00 − 394,04 = 630,96 euro bij, plus de beheerskosten daarop.
Voorbeeld B: 1.500 euro netto beroepsinkomen
Dat ligt onder 1.922,16 euro, dus je definitieve sociale bijdrage is 0. Als starter betaal je toch eerst 98,51 euro per kwartaal voorlopig, en die krijg je bij de regularisatie terug, tenzij je fonds de voorlopige bijdrage op je aanvraag al tot 0 verlaagde. Verdien je uiteindelijk toch meer, denk dan aan de verhogingen bij een verlaagde voorlopige bijdrage (zie hierboven).
Zet geld opzij voor de regularisatie. De voorlopige 98,51 euro per kwartaal is een minimum, niet je rekening. In voorbeeld A komt de 630,96 euro pas zodra de fiscus je inkomen van het jaar aan je fonds meldt.
Moet je btw aanrekenen?
Je rekent geen btw aan als je kiest voor de vrijstellingsregeling, die openstaat tot 25.000 euro jaaromzet. Je activeert je btw-nummer wel met formulier 604A, zet de vermelding van de regeling op elke factuur, trekt geen btw af en dient geen periodieke btw-aangifte in. Volgens de verklarende nota bij formulier 604A hebben beroepen die vrijgesteld zijn door artikel 44 helemaal geen btw-nummer nodig.
Je btw-nummer is je ondernemingsnummer met BE ervoor. De vrijstellingsregeling is een keuze: je kunt altijd de normale regeling toepassen.
| Vrijstellingsregeling | Normale regeling | |
|---|---|---|
| Btw aanrekenen aan je klanten | nee | ja |
| Btw aftrekken op je aankopen | nee | ja |
| Periodieke btw-aangifte | nee | maandelijks of per kwartaal |
| Jaarlijkse klantenlisting | ja, elk jaar vóór 31 maart, vanaf 2026 met je totale omzet in België van het vorige jaar, ook als die € 0,00 is | ja, elk jaar vóór 31 maart; heb je niets te melden, dan kruis je het vakje aan in je laatste periodieke aangifte van het jaar of dien je een nihil-klantenlisting in |
| Formulier 604A vóór de start | ja | ja |
Op elke factuur onder de vrijstellingsregeling vermeld je dat je je handelingen verricht onder de „Bijzondere vrijstellingsregeling kleine ondernemingen”.
Sommige activiteiten zijn automatisch uitgesloten van de vrijstellingsregeling, als je ze geregeld verricht: werken in onroerende staat, leveringen in de horeca met een geregistreerd kassasysteem, en leveringen van gebruikte materialen en afval.
Ga je boven 25.000 euro jaaromzet, dan geldt de normale regeling, met periodieke btw-aangiften.
BravoLisa maakt pdf-facturen voor particulieren en klanten in het buitenland. Factureer je aan een Belgische btw-plichtige, dan heb je een gestructureerde e-factuur via Peppol nodig (zie het volgende deel), en die verstuurt BravoLisa nog niet.
Moet je Peppol gebruiken?
E-facturatie via Peppol is verplicht als je een btw-nummer hebt en factureert aan een Belgische btw-plichtige onderneming. Dat geldt sinds 1 januari 2026, ook onder de vrijstellingsregeling, en een pdf per e-mail volstaat niet meer. Voor particulieren en klanten in het buitenland is het niet verplicht, maar je moet de gestructureerde e-facturen van je leveranciers wel kunnen ontvangen, zegt efactuur.belgium.be.
- E-facturatie verplicht: je hebt een btw-nummer en je klant is een Belgische btw-plichtige onderneming, ook als je onder de vrijstellingsregeling valt, zoals het bericht over het einde van de tolerantieperiode vermeldt.
- Niet verplicht voor je uitgaande facturen: aan particulieren, aan klanten in het buitenland, en tussen twee partijen van wie er één niet btw-plichtig is. Wie uitsluitend handelingen verricht die vrijgesteld zijn door artikel 44, hoeft geen e-facturen te versturen of te ontvangen.
- Ontvangen: ook als je alleen voor particulieren werkt, moet je de e-facturen van je leveranciers kunnen ontvangen.
Volgens de lijst met oplossingen biedt de overheid geen gratis eigen oplossing voor facturen tussen ondernemingen, maar aan de plicht voldoen kan niets kosten als het bij andere software of je bankrekening inbegrepen is.
Volgens de FAQ over e-facturatie riskeert wie niet over de middelen beschikt om e-facturen te versturen en te ontvangen een boete van 1.500 euro bij een eerste overtreding, 3.000 euro bij een tweede en 5.000 euro bij elke volgende.
BravoLisa maakt pdf-facturen alleen waar dat mag: voor particulieren en klanten in het buitenland. Het verstuurt en ontvangt niets via Peppol. Voor een klant die Belgische btw-plichtige is, en om e-facturen te ontvangen, heb je dus een andere Peppol-oplossing nodig.
Is er een maximuminkomen, en wanneer word je zelfstandige in hoofdberoep?
Geen inkomensgrens beëindigt het statuut: je wordt pas zelfstandige in hoofdberoep wanneer je hoofdactiviteit niet meer aan de voorwaarden voldoet, bijvoorbeeld als je job onder halftijds zakt. Of je in bijberoep bent, hangt af van je hoofdactiviteit, niet van wat je verdient: een hoger inkomen brengt je bijdrage vanaf 17.374,08 euro alleen op het niveau van een zelfstandige in hoofdberoep. Die verandering van hoofdactiviteit moet je volgens het RSVZ aan je fonds melden.
Ga je boven 17.374,08 euro, dan verandert je statuut niet, alleen je bijdrage: vanaf dan minstens 890,42 euro per kwartaal in 2026.
Je sociale rechten en je pensioen
Betaal je in bijberoep geen of verminderde bijdragen, dan bouw je geen extra sociale rechten op als zelfstandige. Je behoudt wel de rechten uit je hoofdberoep als werknemer of ambtenaar. Vrijwillig hogere bijdragen betalen opent geen rechten, zegt het RSVZ.
Voor je pensioen geldt volgens het RSVZ hetzelfde: bijdragen voor een bijberoep geven geen recht op een pensioen als zelfstandige. Betaalde je ze aan het tarief van een zelfstandige in hoofdberoep, dan kun je voor die activiteit wel pensioenrechten hebben opgebouwd.
Je bijberoep stopzetten: de stappen en wat ze kosten
Meld de stopzetting binnen 15 dagen aan je sociaal verzekeringsfonds, laat je onderneming in de KBO schrappen (111,50 euro via een loket in 2026), en zet je btw-nummer stop met formulier 604C binnen een maand, zelf in e604 of via een loket tegen zijn eigen prijs.
- Je fonds: als je stopt met je zelfstandige activiteit in bijberoep, meld je dat binnen de 15 dagen aan je sociaal verzekeringsfonds.
- De KBO: een ondernemingsloket schrapt je onderneming; Xerius en Partena rekenen die wettelijke dienst aan tegen 111,50 euro.
- Je btw-nummer: je dient de aangifte tot stopzetting in, formulier 604C, via e604 binnen een maand na de stopzetting, volgens de verklarende nota bij formulier 604A. Een loket doet het voor je tegen zijn eigen prijs: Xerius vraagt 65 euro excl. btw, Partena 64,05 euro excl. btw of 77,50 euro incl. btw.
Een voortgezette verzekering na een vrijwillige stopzetting staat volgens het RSVZ alleen open voor wie in het kwartaal van de stopzetting en de drie kwartalen ervoor bijdragen als zelfstandige in hoofdberoep betaalde. In bijberoep is dat dus meestal niet het geval.
Veelgestelde vragen
Mag je als gepensioneerde zelfstandige in bijberoep zijn?
Als gepensioneerde kun je zelfstandig bijverdienen, maar dan geldt de eigen regeling van het RSVZ voor de gepensioneerde die actief is als zelfstandige. In 2026 betaal je geen sociale bijdragen op een inkomen onder 3.844,32 euro. Vanaf 3.844,32 euro betaal je een verminderde bijdrage van 14,7%, in plaats van de 20,50% van een zelfstandige in hoofdberoep.
Moet je als zelfstandige in bijberoep sociale bijdragen betalen?
Pas vanaf een netto beroepsinkomen van 1.922,16 euro in 2026. Daaronder betaal je niets, daarboven 20,50% van het hele inkomen, met een minimum van 98,51 euro per kwartaal. Als starter betaal je eerst een voorlopige bijdrage van 98,51 euro per kwartaal, die je op aanvraag tot 0 kunt laten verlagen als je verwacht onder 1.922,16 euro te blijven.
Hoeveel mag je verdienen als zelfstandige in bijberoep?
Geen inkomensgrens beëindigt het statuut. Je blijft in bijberoep zolang je hoofdactiviteit aan de voorwaarden voldoet, bijvoorbeeld een job van minstens halftijds. Je inkomen bepaalt alleen je sociale bijdragen: vanaf 17.374,08 euro in 2026 betaal je dezelfde bijdragen als een zelfstandige in hoofdberoep, minstens 890,42 euro per kwartaal. Je statuut verandert daardoor niet.
Is een zelfstandige in bijberoep btw-plichtig?
Je activeert je btw-nummer met formulier 604A vóór je start, ook als je de vrijstellingsregeling kleine ondernemingen kiest. Die regeling staat open tot 25.000 euro jaaromzet: je rekent geen btw aan, trekt geen btw af en dient geen periodieke btw-aangifte in. Wie uitsluitend handelingen verricht die vrijgesteld zijn door artikel 44, heeft geen btw-nummer nodig.
Moet je als zelfstandige in bijberoep ook Peppol gebruiken?
Ja, als je een btw-nummer hebt en factureert aan een Belgische btw-plichtige onderneming. Sinds 1 januari 2026 is dat een gestructureerde e-factuur via Peppol, ook onder de vrijstellingsregeling; een pdf per e-mail volstaat niet meer. Voor particulieren en klanten in het buitenland geldt de plicht niet, maar je moet de e-facturen van je leveranciers wel kunnen ontvangen.
Bestaat er in België een vereenvoudigd statuut om naast je job zelfstandige te zijn?
Het statuut voor wie naast een job zelfstandig werkt, is dat van zelfstandige in bijberoep, met dezelfde wettelijke verplichtingen als een zelfstandige in hoofdberoep. Twee regels houden het licht: onder 1.922,16 euro netto beroepsinkomen betaal je in 2026 geen sociale bijdragen, en tot 25.000 euro jaaromzet kun je de vrijstellingsregeling kleine ondernemingen kiezen.
Een bijberoep laat je iets van jezelf opbouwen terwijl je job je zekerheid geeft. Wie elke euro vooraf kent, houdt het een plezier en geen verrassing.
💜💙 Je BravoLisa-team
Dit artikel is uitsluitend informatief en vormt geen fiscaal, juridisch of boekhoudkundig advies. Elke situatie is anders — raadpleeg een erkende professional (een accountant, een belastingadviseur of een advocaat) voor advies op maat van jouw situatie. BravoLisa is niet aansprakelijk voor beslissingen die op basis van deze informatie worden genomen.
Bronnen (34)
- RSVZ — Zelfstandige in bijberoep
- RSVZ — Wat betekent dat juist: zelfstandige in bijberoep?
- RSVZ — Voordelige bijdrageregeling: gelijkstelling met bijberoep (artikel 37)
- RSVZ — Aansluiten bij een socialeverzekeringsfonds
- RSVZ — Wettelijke verplichtingen van zelfstandigen
- RSVZ — Hoeveel sociale bijdragen moet ik betalen?
- RSVZ — Bijdragen 2026 (brochure, januari 2026)
- RSVZ — Wat als ik mijn bijdragen niet betaal?
- FOD Sociale Zekerheid — Sociale bijdragen 2026 (zonder de beheerskosten)
- Partena Professional — Barema 2026 (tarief van het fonds)
- RSVZ — Gepensioneerde actief als zelfstandige
- RSVZ — Krijg ik een pensioen voor de uitoefening van een bijberoep als zelfstandige?
- RSVZ — Ik stop vrijwillig met zelfstandige zijn, wat nu?
- FOD Financiën — Verklarende nota bij formulier 604A
- FOD Financiën — Jaarlijkse klantenlisting
- Xerius — Tarievenlijst ondernemingsloket 2026 (tarief van het loket)
- Partena Professional — Tarieven Ondernemingsloket 1 maart 2026 (tarief van het loket)
- Securex — Ondernemingsnummer aanvragen
- Stad Diksmuide — Belasting op bedrijfsvestigingen 2026–2031
- FOD Financiën — Belastingtarieven
- FOD Financiën — Toelichting bij deel 2 van de aangifte in de personenbelasting, aanslagjaar 2026
- FOD Financiën — Beroepsinkomen
- FOD Financiën — Indieningstermijnen aangiften
- VLAIO — Als zelfstandige betaal je belasting op je inkomen
- De Kamer — Wetsontwerp tot hervorming van de personenbelasting, DOC 56 1243/009
- De Kamer — Wetsontwerp tot hervorming van de personenbelasting, DOC 56 1243/011
- efactuur.belgium.be — Voor wie wordt e-facturatie verplicht?
- efactuur.belgium.be — Einde van de algemene tolerantieperiode voor e-facturering
- efactuur.belgium.be — Lijst oplossingen: waar beginnen?
- efactuur.belgium.be — Specifieke vragen over e-facturering
- efactuur.belgium.be — Hoe bewaar ik facturen die ik ontving?
- RVA — Springplank naar zelfstandige (infoblad T158)
- Verenigingswerk.be — Wat is verenigingswerk?
- Commissie Arbeidsrelaties — Schijnzelfstandige of schijnwerknemer